Waarom wat vroeger vanzelf ging, plots meer afstemming vraagt
Herkenbaar?
De organisatie groeit. Er komen klanten, producten en collega’s bij. Nieuwe technologie opent mogelijkheden. Functies worden duidelijker omschreven. Expertise krijgt een eigen plek in afdelingen en diensten.
Een logische stap.
Toch begint het soms te wringen. Beslissingen duren langer. Informatie raakt onderweg verloren. Afdelingen en teams wachten op elkaar. Leidinggevenden besteden steeds meer tijd aan overleg, opvolging en het oplossen van dagelijkse problemen.
Daar zit de groeiparadox: de organisatie beschikt over meer mensen, expertise en technologie, maar het werk vraagt meer overleg en wordt minder overzichtelijk.
Dat is de verborgen kost van groei.
Vroeger regelden we dat gewoon onder elkaar.
Waar begint het te knellen?
Bij groei wordt werk verder verdeeld over afdelingen en functies. Daardoor worden medewerkers voor de uitvoering en bijsturing van hun werk vaker afhankelijk van andere organisatiedelen.
Binnen Workitects brengen we die afhankelijkheden in beeld met onze KIP-bril: Kennis, Informatie en Planning.
- Kennis: wie is voor welke kennis en vaardigheden afhankelijk van anderen?
- Informatie: wie is voor welke informatie afhankelijk van anderen?
- Planning: wie is voor het bijsturen van het werk afhankelijk van een beslissing van anderen?
Afhankelijkheden worden een knelpunt wanneer men vaak moet wachten of voor terugkerende verstoringen telkens een beroep moet doen op anderen. Bij sommige teams stapelen die verstoringen zich op. Daar neemt het risico op werkstress toe.
Wie werkstress alleen als een individueel probleem bekijkt, mist een belangrijke oorzaak: de organisatie van het werk.
Hoe kan het anders?
Begin niet bij het organigram. Begin bij het werk. Het organisatiecanvas van Workitects toont een ontwerpbeweging van proces naar macrostructuur en microstructuur.
- Proces: welk werk is nodig om de opdracht waar te maken en waarde te creëren?
- Macrostructuur: welke afdelingen of teams nemen dat werk op?
- Microstructuur: hoe regelen mensen het werk binnen die afdelingen of teams?
Die volgorde maakt een verschil. Bij groei verandert de opdracht vaak sneller dan de structuur. Er komen klanten, producten en uitzonderingen bij, terwijl de bestaande afdelingen, teams en functies grotendeels hetzelfde blijven.
Wat hoort samen?
Herontwerp begint met twee vragen: welk werk hoort bij elkaar en wat organiseren we apart?
Wanneer afdelingen of teams voortdurend expertise, informatie, timing of middelen moeten uitwisselen, is het werk mogelijk niet logisch verdeeld. Werk dat sterk samenhangt, organiseer je beter dichter bij elkaar.
Dat betekent niet dat alles in teams thuishoort. Schaarse expertise breng je misschien beter centraal samen. Taken rond kwaliteit of controle organiseer je soms beter apart. Terugkerende afstemming kun je ondersteunen met duidelijke afspraken en systemen.
Er bestaat geen ideaal model voor elke organisatie. De keuzes moeten passen bij het werk, de visie en de context van de organisatie.
Hoe regelen we het werk?
Een logisch organisatiemodel is nog geen werkende organisatie. De microstructuur bepaalt hoe mensen het werk binnen afdelingen of teams verdelen en op elkaar afstemmen.
Wie neemt welke taken op? Wie beslist? Hoe verloopt de samenwerking? En wie grijpt in wanneer de planning niet meer klopt?
Medewerkers en teams hoeven niet alles zelf te regelen. Ze moeten wel de juiste mogelijkheden krijgen om problemen op te lossen en het werk bij te sturen.
Die mogelijkheden moeten passen bij wat het werk vraagt op het vlak van kennis, informatie en planning.
Meer mensen volstaan niet altijd
Extra capaciteit blijft soms nodig. Maar meer mensen toevoegen aan een werkstroom met veel schakels en afhankelijkheden lost de achterliggende problemen niet op.
Technologie en opleiding leveren pas hun volle waarde wanneer het werk goed is georganiseerd.
Daarom moet de manier van werken mee evolueren. Breng samenhangend werk dichter bij elkaar, geef teams een duidelijke opdracht en zorg dat kennis, informatie en planning beschikbaar zijn waar ze nodig zijn.
Daar winnen werkbaarheid en productiviteit bij. Processen lopen vlotter, teams kunnen meer zelf regelen en vakmanschap krijgt meer ruimte.
Wie verder wil groeien, kijkt daarom niet alleen naar extra mensen, maar ook naar de organisatie van het werk.
Werkmeter
Onze bevraging over werkbaarheid gebruikt dezelfde KIP-bril. De Werkmeter toont wat het werk vraagt en welke mogelijkheden medewerkers en teams hebben om hun werk te regelen.
Masterclass: anders organiseren
Leer de basisprincipes kennen en ontdek hoe een andere organisatie van het werk bijdraagt aan betere prestaties en werkbaar werk.



